Old Go

À la recherche du temps perdu

 Column  Reacties uitgeschakeld voor À la recherche du temps perdu
sep 222016
 

object1Het onderzoek naar de verloren tijd

Wandelend door de wijk Mikkelhorst kom ik oude gebruiksvoorwerpen tegen. Ik vind een kartonnen beker onder een bank. Even opruimen is mijn impuls. Verhip hij zit vast. Hij is niet van karton, hij lijkt van brons. Brons, dat is knap duur. Hoe kan dit? Ik ga op onderzoek uit.

Marijk Uri van de toenmalige VVV verschaft raad. Zij heeft de voorwerpen op papier. Er blijken zelfs 12 werken te zijn. Neergezet toen de wijk in 1995 is aangelegd. Het verhaal van de kunstenaar wordt bij de route geleverd.

In mijn woorden komt zijn filosofie hierop neer: als over duizenden jaren deze kunstwerken, gewone dagelijkse gebruiksvoorwerpen worden gevonden, kunnen mensen net zo verbaasd zijn, als wij bij sommige archeologische voorwerpen. Ze zouden kunnen denken, wat is dit ? Ook heeft de kunstenaar verbinding gelegd met deze zeer oude streek waar eens het buitenhuis De Mickelhorst stond. De oude stoel en het wapen verwijzen hiernaar.

Ik laat de voorwerpen graag zien bij mijn excursies en geniet van de verbazing als men aan de oude handschoen trekt die levensecht op het bankje ligt. Of de nostalgie die het oude petroleumblik oproept.
Onlangs liet ik een paar voorwerpen zien aan een neefje en nichtje. De kinderen hebben een onbevangen blik en geven hun eigen betekenis aan de voorwerpen. Het plezier dat ze hebben bij de stapel gebonden oude achteloos weggeworpen folders. De stoel wordt gelijk ingenomen: daar ga je opzitten ook al ligt de stoel met de poten in de lucht. En er worden selfies gemaakt, natuurlijk. Bij het petroleumblik kan ik geschiedenisles geven.

Hier raken de verloren tijd en onze tijd elkaar. Het wonder geschiedt, de tijd vloeit samen.
Als u de kleine wondertjes van de verloren tijd ook wilt zien: een overzicht staat bij algemene artikelen, met een uitleg van de kunstenaar.

Ali Bakker, september 2016

jan 262016
 

albumv2-voorwebAls kind keek ik graag in een mooi oud ansichtkaartenalbum, dat bij mijn ouders in de kast lag. Het album had een mooi rode kaft met mooie bloemen erop en het is waarschijnlijk van begin 1900. Het was van mijn oma geweest, die ansichtenkaarten spaarde. Er zitten veel dorpsgezichten in van het Groninger platteland en van diverse andere plekken in Nederland.

ansichtkaart-vz-voorwebOnlangs keek ik er weer eens in en vond ik een mooi dorpsgezicht van Haren (Uitgave: W. C. Honingh, Groningen). De ansichtkaart is op zich vrij bekend: het geeft de Rijksstraatweg in noordelijke richting weer vanaf café Suurd. Toch geeft de foto veel informatie over het tijdsbeeld. Twee mannen staan midden op straat te praten, dat kan gemakkelijk, want verkeer is er nauwelijks. Er staat een man met een handkar en er rijdt een man met paard en wagen. Aan de kleding van de mannen kun je zien dat het omstreeks 1900 moet zijn geweest. In de hoek rechtsonder staat een naam gekrabbeld: Johan Boomker?

ansichtkaart-az-voorwebDe achterkant van de kaart zegt ook van alles. De postzegel van 1 cent is gestempeld in Groningen. De kaart is geadresseerd aan mej. A. Boomker, mijn grootmoeder, te Uithuizermeeden. De kaart is nog eens gestempeld in Uithuizermeeden, datum waarschijnlijk 21-01-1903. Het is een briefkaart (Carte Postale) met aanwijzing: Zijde voor het adres bestemd ( Côté réservé à l’ ádresse). Let wel: het Frans wat een tijdje deftig was in Nederland, staat hier nog als tweede taal.

Terug naar de foto: café Suurd staat frontaal in beeld. Verder alleen gewone huisjes. Geen winkel te bekennen. Nu is het een drukke winkelstraat met alleen winkels. Onze plaatsgenoot Auke van der Woud heeft in een nieuwe bestseller (De nieuwe mens, uitgave 2015) de opkomst van de winkels aan het begin van de vorige eeuw beschreven. Hij gebruikt in zijn boek de term: “Culturele revolutie”. Deze kaart geeft hiervan een mooi beeld. Begin 1900 waren er schijnbaar amper winkels in Haren. Horeca was wel aanwezig. Het dorp Haren was een geliefd uitstapje voor de mensen uit Groningen.

Jammer dat café Suurd nooit is herbouwd, het zou een prachtig Grand Café geweest zijn, midden in Haren.

Ali Bakker

jan 202015
 

Ongeveer drie jaar geleden bood de gemeente Haren Old Go, de kantine aan van het gymnastieklokaal aan de Oude Brinkweg 12a. Er worden nu o.a. judolessen in gegeven en het is ook nog steeds een gymnastiekzaaltje. De kantine op de bovenverdieping mogen we gebruiken om onze bezoekers te ontvangen en voor ons archief. Old Go is er heel blij mee.

gymnastieklokaal oude brinkwegIn 1958-1962 had ik hier wekelijks gymnastiek toen ik op de MULO zat aan de Kromme Elleboog (nu Nije Cruys).

Bij het opnieuw betreden van het gebouw ontdekte ik dat er weinig veranderd was. De kleedkamers kon ik mij moeiteloos herinneren. Ook de gymzaal bleek onveranderd. Buiten was het grote grasveld verdwenen. Helaas, we speelden hier fantastisch slagbal en ik herinner mij het vrijheidsgevoel van buiten sporten. Op de plek van het sportveld staat nu de Brinkhof.

Boven de kantine was onbekend terrein voor mij. Tenminste dat dacht ik. Tot er vorige week een gast binnen kwam op ons spreekuur en vergenoegd zei: hier had ik altijd handenarbeid. Verbaasd keek ik om mij heen: in deze ruimte? Ja, zei hij dit lokaal, was altijd al een handenarbeidlokaal. Ik keek om mij heen, en dacht aan de lessen handenarbeid die ik deed in 1967 samen met mijn zus.

Ik had er deze week nog met haar over gefilosofeerd waar we die lessen hadden. Ik zei wat aarzelend dat ik de plek associeerde met het lokaal boven bij het gymnastieklokaal. Zelf vond ik dit wat raar; hoe kon dat nu? We scheurden indertijd vrolijk op haar brommertje vanuit Glimmen naar een plek in Haren?

En zie daar het antwoord. Ja, het klopt. De ruimte is vanaf de opening in 1954 bedoeld als handenarbeidlokaal. Onze bezoeker stuurde een link naar een artikel in het Nieuwsblad van het Noorden van 18 mei 1954 over de opening van dit gymnastiekgebouw. De bijgaande afbeelding komt uit het artikel.

Mijn lamp van pitriet, die ik er maakte, heeft jaren boven mijn tafel gehangen. Nooit gedacht dat ik in dezelfde ruimte 48 jaar later een andere hobby zou hebben.

Ali Bakker

jan 132015
 

aardeDe historische commissie zat om de tafel en verdiepte zich in de geschiedenis van het Haren van anno 2015, een kustplaatsje tegen de Hondsrug aangeplakt, dat hierdoor nog droge voeten had gehouden. De voorzitter, een geoloog / archeoloog vroeg aandacht voor het feit dat de historische vereniging Old Go in dat jaar zijn eerste lustrum vierde.
Hij moest moeite doen zich te concentreren op het feit dat de OldGo-ers dat destijds vierden met een zoektocht naar prehistorische graven in de Onnerpolder met daarna een gezamenlijke dronk (dronk, Higgs, wat dronk men eigenlijk in die tijd?) in het plaatselijke “buurthuis”. (buurthuis, tja, wat is dat, zo dadelijk even higglen) Het leek hem allemaal zo onbelangrijk, vooral nu hij morgen naar de maan zou afreizen om aldaar enkele grotten te onderzoeken op hun speciale gesteente-vorming. Was zijn maanpak helemaal in orde ? Had zijn vrouw zijn helm wel ontsmet en zijn tools klaargelegd?

Onnen, zo oreerde hij, was in die tijd (we schrijven 2015) een vredig gehucht, maar dat is niet altijd zo geweest. Zo`n driekwart eeuw daarvoor vond er een scheuring plaats tussen de bevolking. Notabene, middenin een vreselijke gewelddadige oorlog, die heel Europa vernietigde, maakte men zich te sappel over een artikel in de kerkelijke geloofsbelijdenis, een artikel dat ging over de christelijke doop. Higgs mag weten waar het precies over ging, maar plotseling ontstond er een groep mensen die zich Vrijgemaakten noemde en hun bevrijding vierden met de anderen dood te verklaren. Voortaan zouden ze kuis en zuinig leven, zich zedig kleden, veel naar de kerk gaan en hun kinderen verbieden met hun vroegere vriendjes om te gaan.

Trouwens 2015 was ook de tijd van het islamitisch terrorisme. Onthoofdingen, slachtpartijen waren aan de orde van de dag. Niet alleen in het Midden-Oosten, ook mensen op straat of journalisten van het vrije woord werden in Parijs zomaar doodgeschoten. En waarom?
Ach, beide partijen meenden weer gelijk te hebben. Het was de leus van de democratie en de vrije expressie tegen de droom van een heilsstaat, waar Allah zou regeren. Eigenlijk de arrogantie van de macht tegen de underdog in allerlei nuanceringen.

Enfin, het lijkt allemaal heel lang geleden en gelukkig is het allemaal voorbij en vragen we ons nu af waar men zich zo druk over maakte. Laten we beseffen dat geschiedenis bestuderen ons leert relativeren. Daarom zitten we ook hier en roepen het verleden op.
Nu vliegen we weliswaar naar de maan en Mars alsof het niks is, we stichten er nieuwe utopische leefgemeenschappen, maar, sorry, het moet mij van het hart, waarachtig niet omdat het hier zo leuk is.

Lineke van Geest

jul 062014
 

Ik waande me de vorige week weer dat kleine jongetje dat met z’n vriendjes naar het zwembad ging in de Appelbergen. De vorige week ?? Ja, dat zit zo.

Ik had me opgegeven om geïnterviewd te worden door een leerling van de tweede klas van het Zernike College. Daarvoor moest ik al vroeg op de plaats van handeling zijn.

Natuurbad Appelbergen

Natuurbad Appelbergen – collectie dhr H. Groeneveld

De plek van het zwembad kon ik me nog goed herinneren. We gingen altijd op de fiets door Onnen, via Gieselgeer en het viaduct naar de Oude Boerenweg. Ik moest op jonge leeftijd al keuzes maken daar bij het viaduct. Via de daar aanwezige trap naar beneden of gewoon doorfietsen langs de weg. De laatste route duurde langer maar de eerste mogelijkheid was zwaarder want je moest je fiets tillen en de trap had heel veel treden.

Hoe dan ook, aan het eind van de Oude Boerenweg op nummer drie woonde mijn tante Annie en daar moest ik verplicht (opdracht van mijn ouders) mijn fiets stallen. Trouwens mijn vriendjes mochten dat ook doen. Door dat te doen konden we ons dubbeltje gebruiken voor de aankoop van een roomijsje op een stokje (er waren 4 smaken: vanille, aardbei, framboos of mokka) van De Hoop uit Onnen. Meestal kochten we het ijsje bij de familie Bennink. Er was een loket in de achterdeur gemaakt voor de verkoop van ijs.

Het was een heel eind lopen van mijn tante Annie naar het zwembad. Nu schat ik de afstand op niet meer dan 500 meter. De verleiding was soms groot om toch maar door te fietsen naar het zwembad. Voor een dubbeltje kon je de fiets (bewaakt) stallen bij de familie Hoving naast de ingang van het zwembad.

Mijn ouders kwamen regelmatig bij tante Annie op bezoek. Dit was dikwijls op een zondagmiddag. En wij zwommen doorgaans op zaterdagmiddag. Steevast werd gevraagd of ik de fiets ook had gestald aan de Oude Boerenweg. Was dat niet het geval dan kreeg ik de volgende keren geen dubbeltje meer voor een ijsje.

Ik heb de vorige week gebruik gemaakt van de auto en was op de Hooge Heereweg flink in overtreding want vanaf de Rijksstraatweg in Harenermolen mag je niet naar de Appelbergen rijden. Had ik dan nu ook de auto moeten laten staan en dat hele eind, wel 1000 meter, moeten lopen.

Natuurbad Appelbergen

Natuurbad Appelbergen – collectie dhr H. Groeneveld

Tante Annie woont er niet meer, het huisje van Bennink staat er nog wel maar de achterdeur heeft geen loket meer, de fietsenstalling van Hoving is verdwenen evenals het zwembad.

Dat laatste weet iedereen inmiddels. Er voor terug is het zwembadproject gekomen. Het interview was erg leuk. Dat kan iedereen beluisteren als de leerlingen van het Zernike College hun indrukken van het verdwenen zwembad hebben verwerkt in diverse activiteiten die zij presenteren tijdens de Kunstmarkt, eind augustus.

Henk Bazuin

 

apr 192014
 

00446 HBA Haren Boeremapark 1953Mijn vrouw en ik wandelden op een zondagmiddag door Haren. Onze voetreis bracht ons ook langs de Lokveenweg en wij ontwaarden de ingang van het Boeremapark. We vatten het plan op er maar doorheen te gaan wandelen. Langs de vijver en over het padje achter het hertenkamp.

Op het moment dat we er waren kwamen er direct allerlei herinneringen aan vroeger op ons netvlies. Waar zijn de witte eenden met hun oranje snavels en poten gebleven, de autenthieke bevolking? Wat we zagen waren vooral veel wilde eenden, bruinig van kleur. Jammer en de ganzen waren er ook niet meer. Veel zakken met oud brood hebben we hier verdeeld. Het parkgedeelte waar onze bruidsreportage, maar ook die van vele andere bruidsparen, is gemaakt. In onze gedachten zien we ons nog wandelen, maar wat was het bruggetje smal. We vroegen ons af of er een verbouwing (versmalling) had plaats gevonden. Navraag later leverde op dat ie altijd zo breed was geweest.

De Boeremabank konden we niet overslaan. Voor mijn vrouw een  bank met indrukwekkende herinneringen want hier werden altijd de familiekiekjes gemaakt voor de ooms en tantes die in Tasmanië woonden. De Boeremabank die evenals het park naar burgemeester D. Boerema is genoemd.

We wandelden weer verder en kwamen langs een apart liggend stukje grasveld. Hier werden in de zomermaanden op een avond wel eens films vertoond. Ook hier verbaasden we ons weer want dat grasveldje was wel heel erg klein. Vanaf deze plek hadden we een mooi overzicht over de vijver met een nog mooiere fontein die er vroeger niet was. In onze schooljaren, de vijftiger jaren, werden hier ook de lagere school viswedstrijden gehouden. Iedere twee meter was aangemerkt als visstek. In de winter werd er geschaatst,  de ijsbaan van Haren.

00052 XWA BoeremaparkWe liepen verder over het buitenste pad dat ons bijna achter de huizen van de Onnerweg langs voert, richting het hertenkamp. Het hertenkamp met zijn beruchte paadje. Het vrijerspaadje. Het hertenkamp zag er troosteloos uit maar de mooie omheining van die schuin geplaatste paaltjes is er nog steeds. Het jaarlijkse hoogtepunt was het vuurwerk op de avond van Koninginnedag. Het was opgebouwd langs de rand van de vijver tussen de brug en de bank. Uiteraard mocht je daar niet staan. Wel aan de overkant.

We vonden het de moeite waard om hier eens weer te zijn. Vele herinneringen kwamen boven zoals u hebt kunnen lezen. Het Boeremapark leek wel een speeltuin te zijn geweest in onze jeugdjaren, een hele fijne speeltuin. Na een uurtje stonden we weer met beide benen op de Lokveenweg en vervolgden onze voetreis.

Henk Bazuin

(foto 1 collectie Henk Bazuin, foto 2 collectie mevrouw Wakker)

feb 152014
 

boomdonkeraanpassingDe boom stond langs het bospaadje een mysterie te wezen. Diepgeworteld in de grond met een gegroefde bast als van een eik, de stam met een dwarsdoorsnede van ongeveer 40 cm, op ooghoogte een duidelijke entring en daarna een grijsgladde bast als van een beuk. Deze eikenbeuk of beukeneik reikte zijn kruin al een 8 à 10 meter naar de hemel. Wat gek, dat kan niet, even foto maken en op het internet gooien – het Vroege Vogels Forum.
Ja, inderdaad, onmogelijk, dat kan niet, niet van dezelfde familie. Amateurs en experts bogen zich over het vraagstuk. Fotomontage, worden we gefopt door deze fotoshop? Iemand had ook iets dergelijks gezien in Frankrijk, iets met een plataan of zo. Een boomdeskundige suggereerde een haagbeuk, waarop een echte beuk was geënt, dan had je tenminste dezelfde DNA-familie. Een haagbeuk heeft wel een iets ruwere bast, maar ja, gezien de foto toch wel een eik. Wat voor blad heeft ie? De fotonen vol opinies vlogen door de lucht, maar het mysterie bleef.

Haren is net als die boom. Diepgeworteld in een ver verleden met al voor de jaartelling hier en daar nederzettingen op veilige droge plekken. Eeuwenlang een zwaar en weerbarstig bestaan, ruig als de gegroefde bast van een eik en dan…. even voor, tijdens en na de 2e wereldoorlog de plotselinge enting.
Het boerendorp werd beknot, land opgekocht, grond onteigend voor de bouw van villa`s, waar rijke fabrikanten, gepensioneerde herenboeren en notabelen gingen wonen onder het motto: “Waarom gaat gij niet buiten wonen als gij binnen zijt?” Het agrarisch karakter van het dorp werd geleidelijk aangetast. In de algehele wederopbouwingsgedachte na de oorlog werd de stam finaal gekapt. Historische gebouwen werden meedogenloos gesloopt, boerenbedrijven opgeheven, wegen geplaveid en leidingen aangelegd. Er verscheen een overdekt winkelcentrum, kantoor en flatgebouwen rezen uit de grond, men zocht een oplossing voor de vele bejaarden in de bouw van verzorgingsflats en een kabouterdorp. Het was nog niet de tijd van actiegroepen en not-in-my-backyard-fetisjisten.
De enting had plaats gevonden en de boom groeide gewoon door als een prachtige beuk.
Bomen willen graag zelfstandig blijven en niet versnipperd worden in de moloch-machine van de stad Groningen.

Februari 2014  – Lineke van Geest

jan 152014
 

allerlei-1145Historie is mooi. Wat zeg ik, historie is prachtig! Toen mijn vrouw en ik vorig jaar de Koepelkerk in Onnen kochten, waren we niet alleen verliefd op het pand an sich. Niet op alleen de strakke lijnen, de ruimtelijkheid (oh, wat een geweldige hoogte!), het knusse koepeltje, de prachtige glas-in-lood ramen, de robuuste gevel die het kerkje een soort Engelse cottage-look gaf. Nee, ook de historie van het pand en de sfeer die het gebouw daardoor uitademde maakten dat we op slag en zonder enig voorbehoud verliefd werden op de koepelkerk.

Net als de meeste gebouwen die al wat langer bepalend zijn in een buurt of gemeenschap, zijn er vele verhalen verbonden aan ons kerkje. En die verhalen druppelen nu met enige regelmaat bij ons binnen. In het afgelopen jaar, waarin we de kerk hebben verbouwd tot het woonhuis en kantoor die het nu is, hebben we met grote regelmaat mensen op bezoek gekregen die ons wisten te vertellen van een van de vele brokjes historie.

koepelkerk-236Tijdens een van die welkome pauzes, waarbij we het bouwstof en zweet van ons voorhoofd veegden ondanks het feit dat het kwik ver onder nul stond, vertelde een oude mevrouw dat zij in het kerkje was getrouwd met haar jeugdliefde. En dat vervolgens al haar kinderen (ik dacht vijf in totaal) in het kerkje waren gedoopt. Op een ander moment, terwijl inmiddels de lentezon de kerk verwarmde, vertelde een meneer ons over het haantje op ons torentje, dat hij had gemaakt en dat een getrouwe kopie was van die van het torentje van Eenrum. En nog weer later, in hoogzomer en wij inmiddels ons kerkje al hadden betrokken, mochten we de zoon en kleindochter van de architect Reitsma rondleiden, die ons nog meer details konden vertellen van het oorspronkelijke ontwerp. Allemaal verhalen. Allemaal historie.

Een gebouw een tweede leven mogen geven is geweldig. Het is dan ook niet toevallig dat ons architectenbureau steeds vaker transitiestudies verricht: op welke wijze kan maatschappelijk vastgoed, zoals scholen, kerken, kantoorgebouwen, etc etc, worden herbestemd en hergebruikt? Overheden, maar ook andere vastgoedeigenaren, weten ons op dit onderwerp steeds vaker te vinden. En zo geven wij al onze ervaringen die we het afgelopen jaar hebben opgedaan in ons kerkje, óók een tweede leven!

Jeroen Maas